Terwijl het pijpenstelen regende op deze ‘warme’ (11°C) decemberzondag, gingen mijn gedachten naar die vrijdag 7 december 1990, dag op dag vijfendertig jaar geleden. In de vroege ochtendvrieslucht tekende Oostende zich zwart af tegen een knalroze achtergrond. Om negen uur hadden we een afspraak bij de kinderarts. Mijn hart was bang en klein. In mijn armen droeg ik jou, amper drie jaar oud en ziekjes. Niet veel later kregen we het harde verdict, dat voor altijd ons leven veranderde: kanker in ons kind. Jouw vader vond geen woorden en ik verloor even het noorden. De tranen bleven maar komen. De kinderarts was er het hart van in, toen al wist ze hoe zwaar de strijd zou zijn en hoeveel twijfels de toekomst zou brengen. Die middag haalden we Zoonlief, toen negen, uit school en reden met gebroken hart richting UZ Gent. De zon scheen en vanop de achterbank herhaalde een kinderstemmetje steeds weer: ‘ik ben niet ziek, ik ben niet ziek.’ Het UZ Gent, een imponerende blokkendozenstad, zorgde voor nog meer angst. Met een gevoel van totale machteloosheid maakten we kennis met afdeling 3K6, de kinderkankerafdeling, die gedurende dertien maanden ons tweede ’thuis’ werd en ondanks alles stond voor ‘veilige haven’ in het woeligste stormweer ooit.

Zo liep ik dus te denken aan die 7 december 1990, nu een leven lang geleden. Ondertussen de kerstetalages bewonderend en speurend naar passende geschenkjes. Hoe dubbel is dat? Ik stapte de theewinkel binnen, waar ik iets op het oog had als kadootje voor een vriendin. Bij het afrekenen kwam mijn naam ter sprake. ‘Oh, maar jij bent die mevrouw van de bloemetjes!’, zei de winkeldame. Het werd me warm om het hart, want het is intussen al tweeëntwintig jaar geleden, dat we onze bloemenverkoop in herinnering aan Benjamin na tien fantastische edities, stopzetten. Het voelde alsof ik hem in die winkel lijfelijk naast me had staan, zoveel deugd deed het. En er was nog méér, want ze had als kind ook de t-shirts van het Kinderkankerfonds, die ik verkocht op avondmarkten en braderie, gedragen. Om het helemaal hartverwarmend te maken, wist ze zelfs één van mijn bundels in bezit te hebben. Allemaal door haar mama, die hier jaren een schoenenwinkel uitbaatte en net zoals zoveel mensen hier te Nieuwpoort, mij telkens steunde in alles wat ik toen deed ten bate van het Kinderkankerfonds UZ Gent.

Zo smolten 7 december van toen en 7 december van nu samen tot een innig voelen.

ik droeg

de vallende regen

in mijn haren

met jou

in mijn hoofd

in mijn hart

je ging schuil

tussen het plooien

van mijn lippen

je zat geborgen

in de warme zakken

van mijn winterjas

en kijk

zelfs zonder jou

te vernoemen

was je plots

alom aanwezig op

die bevlogen decemberdag

Doris Dorné – 9 december 2025

Eén reactie

Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *