Het leven bestaat uit keuzes maken en beslissingen nemen, elke dag is kiezen en beslissen. Je staat er eigenlijk niet bij stil, maar het is een fulltime bezigheid. Met hoofd en hart tracht je telkens de juiste keuzes te maken, maar soms sta je voor voldongen feiten en wordt het kiezen en beslissen je uit handen genomen. Dan wordt het verplicht kiezen en beslissen je ongewild opgedrongen en zit je gevangen tussen willen en moeten.
Zo’n moment is de dag waarop je te horen krijgt, dat je kind kanker heeft en er geen sprake meer is van eigen keuzes. Overgeleverd aan een medisch team en een behandeling waarop je moet vertrouwen, moet je de keuzes en beslissingen van de artsen voor waarheid nemen, want wie ben jij in die angstaanjagende wereld? Een aan handen en voeten gebonden mama met een gebroken hart. We moesten Benjamin een kans geven, zeiden de artsen. Daar was geen twijfelen aan, al zag de toekomst er bepaald niet positief uit met slechts 20% genezingskans. Een neuroblastoom fase vier, een grote uitdaging. Langer dan een jaar, nam een medisch team beslissingen in de hoop het tij te doen keren. Onze leefwereld werd: chemotherapie, chirurgie, bestraling. Als mama van een vierjarige stond ik er machteloos bij en keek ernaar. De gemaakte keuzes en genomen beslissingen bleken de juiste. De behandeling sloeg aan en dertien maanden later kregen we een voorzichtig: ‘we hebben alles gegeven en gedaan er zijn geen kankercellen meer te zien.’ Het medisch team was gelukkig en trots en met reden! Een patiëntje met neuroblastoom weer als kind zien stralen voelde voor hen als een overwinning. Maar … er volgde een verwittiging: de kanker kon explosief terugkomen en dan waren er geen kansen meer. Een eerlijk en nuchter bekennen vanuit medische hoek en ik begreep. Tijdens de voorbije dertien maanden had ik in stilte, ondanks al het positieve, een keuze gemaakt en een beslissing genomen: ik zou bij herval dit mijn kind nooit meer aandoen. Anderhalf jaar later kwam hun voorspelling uit. Het neuroblastoom was terug, ontembaar. En zo nam ik het ‘beslissen’ uit handen van de artsen, die toen ook al wisten, maar het niet mochten verwoorden, dat we nu kansloos waren. Zes maanden later stond ik bij het bed van mijn zesjarig gestorven kind, opgelucht dat het onmenselijk lijden voorbij was, dat mijn mooie, moedige jongetje eindelijk rust werd gegund. Met een handvol familie en vrienden namen we in stilte afscheid. Ook dat was mijn keuze en beslissing.
Verleden week stierf een klein meisje van zes. Ook bij haar won het neuroblastoom de strijd. Haar ouders gingen tot het uiterste. Een reis naar Spanje, waar de behandeling meer kansen zou bieden, bracht niet de gedroomde beterschap. De kanker had haar immers volledig ingepalmd, een neuroblastoom is zelden te temmen en aan banden te leggen. Al waren de operaties geslaagd, de kanker was niet weg. Haar ouders beslisten anders dan ik, maar allebei hadden we enkel maar liefde in ons hart voor het kind, dat een mensonwaardig gevecht moest leveren. Elk van ons maakt zijn keuzes en neemt zijn beslissingen, elk van ons denkt goed te doen op het moment van beslissen. Later moet je door met je gemaakte keuzes en genomen beslissingen en dan is het ‘goed’ als je bij het terugblikken kunt denken en zeggen: het was het juiste beslissen en de juiste keuze … met onmetelijk veel liefde.
wordt vervolgd
Nog geen reacties